Osteopathie

Binnen de osteopathie wordt het lichaam als één geheel beschouwd. Tijdens het onderzoek en de behandeling wordt daarom niet alleen naar de klacht zelf gekeken, maar naar het volledige plaatje. Een bewegingsbeperking in één deel van het lichaam kan namelijk klachten veroorzaken in een ander gebied. Het lichaam bestaat uit verschillende systemen die met elkaar verbonden zijn en elkaar continu beïnvloeden:

  • het pariëtale systeem (bewegingsstelsel): hieronder vallen de botten, spieren, gewrichten, gewrichtsbanden en omliggende vliezen.
  • het viscerale systeem (orgaansysteem): hieronder vallen alle organen, hormoonklieren en de omliggende vliezen.
  • het cranio-sacrale systeem (zenuwstelsel): hieronder vallen de schedel, het heiligbeen, het ruggenmerg, de hersenen en de omliggende vliezen.

Beweging van structuren

De functie en structuur van weefsels zijn nauw verbonden: een verandering in de structuur beïnvloedt de functie, en omgekeerd. Dit gaat vaak samen met verminderde beweeglijkheid van een structuur, ook wel blokkade, restrictie of “terrain” genoemd. Artrose is hiervan een voorbeeld: veranderingen in het gewricht maken het minder beweeglijk. Omgekeerd kan een langdurig gestoorde functie structurele veranderingen veroorzaken. Een knellend zadel kan bijvoorbeeld beweging beperken en door verminderde doorbloeding spieratrofie veroorzaken.

De grondlegger van de osteopathie, Dr. A.T. Still, zei:

 “LIFE IS MOTION”

Bij verminderde beweeglijkheid worden voedingsstoffen minder goed aangevoerd en afvalstoffen minder goed afgevoerd. The arterial rule (het doorbloedingsprincipe) is daarom een belangrijk osteopathisch principe: de aan- en afvoer van bloed en andere lichaamsvloeistoffen moet optimaal zijn. Alleen dan worden lichaamssystemen goed gevoed. Onvoldoende voeding maakt cellen en weefsels kwetsbaarder en vertraagt hun herstel, waardoor ziekte meer kans krijgt.

 Compensatie - decompensatie

Het lichaam compenseert een bewegingsbeperking voortdurend. Houdt deze compensatie te lang aan, of zijn meerdere structuren beperkt, dan kan het decompenseren. Dit gaat vaak gepaard met pijn. De osteopaat herstelt de mobiliteit, zodat de circulatie van arterieel, veneus en lymfatisch vocht kan normaliseren.

 

Lichamelijk onderzoek

Het lichamelijk onderzoek richt zich op de gewrichten, spieren, pezen, ligamenten, fascia, orgaansystemen en het zenuwstelsel. Daarbij worden onder andere de schedel, kaakgewrichten, hals, rug, ribben, het bekken, sacrum, de staart, benen en organen onderzocht.

Behandeling

Tijdens de behandeling worden de beperkingen die tijdens het onderzoek zijn vastgesteld, aangepakt om de mobiliteit te herstellen. Dit gebeurt met behulp van mobilisaties en corrigerende manipulaties. Wanneer structuren weer beter kunnen bewegen, kunnen voedingsstoffen zich beter verspreiden en afvalstoffen efficiënter worden afgevoerd.